Van monteur tot postcommandant
In 1991 begon Peter als monteur en brandweerman in de 24-uurs dienst. Daarna werd hij bevelvoerder, ploegchef, teamleider 24-uurs dienst en officier van dienst. “Ik ben nu postcommandant van de vrijwilligerspost. Brandweer Roermond bestaat uit beroepskrachten en vrijwilligers, die samen uitrukken als dat nodig is.” In die 35 jaar zag hij voertuigen, kleding en technieken veranderen. “We werken veiliger. Chemie- en gaspakken en een specialistische duikuitrusting zijn bijvoorbeeld niet meer weg te denken.”
Terug naar 1901
De geschiedenis van het korps begint op 29 januari 1901. Op die dag besloot de Roermondse gemeenteraad tot de oprichting van een georganiseerd vrijwillig brandweerkorps. Brand was voor de stad geen onbekende vijand. Eeuwen eerder hadden grote stadsbranden al enorme schade aangericht. In 1554 ging ongeveer zestig procent van de stad verloren. De brand van 1665 ontstond tijdens een processie, waarbij een rieten dak vlam vatte. Uit die gebeurtenis ontstond de stadsbrandprocessie die nog ieder jaar door de binnenstad trekt. Hierbij is de brandweer ook aanwezig.
Van handspuit tot blusrobot
In de beginjaren trokken brandweerlieden met paard en wagen door Roermond. Handspuiten vroegen vooral heel veel spierkracht. In 1926 kwam de eerste gemotoriseerde brandspuit. Peter vertelt: “Inmiddels vliegen drones boven natuurbranden en grote bedrijfspanden. Ook beschikken we over een blusrobot voor situaties waarin mensen te veel risico lopen.”
Iedereen kent zijn plek
Maar techniek is maar een deel van het verhaal. Brandweerwerk draait uiteindelijk om mensen. De bevelvoerder en chauffeur hebben hun taak. Nummer één en twee vormen de aanvalsploeg bij brand. Drie en vier zorgen voor het bluswater. Peter zegt: “Namen zijn op dat moment minder belangrijk. Als iemand volledig in pak zit, weet je soms niet eens of het een man of vrouw is.”
“Het teamgevoel moet er zijn in goede en slechte tijden. Je kunt het niet alleen. Je moet weten wat je aan elkaar hebt.”
Blindelings vertrouwen
Als brandweerman of -vrouw moet je op elkaar kunnen vertrouwen. “Het teamgevoel moet er zijn in goede en slechte tijden. Je kunt het niet alleen. Je moet weten wat je aan elkaar hebt.” Dat geldt tijdens een inzet, maar ook daarbuiten. Zeker omdat achter die bekende rode wagens en moedige brandweerlieden niet alleen verhalen over geslaagde reddingen schuilgaan.
Inzetten die bijblijven
Brandweer Roermond rukte door de jaren heen uit voor grote branden, hoogwater en zware ongevallen. De asbestbrand van 2014 en de natuurbrand op De Meinweg in 2020 zijn twee van de grootste inzetten van de laatste jaren. Ook de woningbranden aan de Jupiterstraat en Plutolaan hebben diepe indruk achtergelaten. Andere gebeurtenissen raakten het korps persoonlijk, zoals een collega die ernstig gewond raakte tijdens een inzet en twaalf jaar later overleed.
Soms is een hand genoeg
Brandweerlieden treffen mensen meestal op hun slechtste momenten. Ze komen bij verkeersongelukken en zelfdodingen. Soms kunnen ze iemand redden. Soms niet. “Het is niet altijd rozengeur en maneschijn, maar je kunt heel vaak toch iets voor iemand betekenen. Al is het een hand vasthouden. Of een oude mevrouw moed inspreken bij een keukenbrand”, zegt Peter.
Wat nooit veranderde
In 125 jaar veranderde veel. Paard en wagen maakten plaats voor moderne brandweerauto’s, drones en een blusrobot. Ook de betaling in bier zoals in de beginjaren ligt in een ver verleden. Maar achter al die vernieuwingen bleef hetzelfde nodig: mensen die voor elkaar klaarstaan en elkaar blindelings vertrouwen. Precies daarin herkent Peter na 35 jaar nog altijd de brandweer waarbij hij ooit begon. “We blussen nog steeds met water. En de kameraadschap is gebleven. We gaan voor elkaar door dik en dun.”
Nieuwe kazerne aan Wirosingel
Binnenkort verandert er weer iets. Brandweer Roermond verhuist naar een nieuwe kazerne aan de Wirosingel en laat daarmee een vertrouwde plek achter in de binnenstad. De plek verandert, maar alles wat in 125 jaar is opgebouwd, verhuist gewoon mee.