Het Roertje en Os Blaedje
“In 2021 werd ik getriggerd door een social mediabericht van twee dames uit Rotterdam. Ze wilden hun kinderkrant uitbreiden naar de rest van Nederland en zochten mensen die hun eigen krant wilden starten. Dat sprak me direct aan.” Een jaar later, in 2022, verscheen de eerste editie van kinderkrant Het Roertje in Roermond en Roerdalen. “Toen Echt-Susteren en Maasgouw ook interesse hadden, heb ik daar vanaf 2023 Os Blaedje opgezet.”
Moppen en raadsels het populairst
De kranten zijn een groot succes. “De kracht van de kinderkrant is dat het lokaal is. Er staat altijd wel iemand in die je kent.” Hanneke hoort dat vaak terug van leerkrachten, ouders en kinderen. “Maar bladzijde 2 is het populairst: de moppen en raadsels. Hier kan niets tegenop. Daarna gaan kinderen kijken of ze bekenden zien.”
“Ik ben tekstschrijver, hoofdredacteur, bezorger, sales- en pr-mevrouw en fotograaf in één. En ook een beetje juf.”
Het beste van twee werelden
Vanaf dag één bereikt ze alle basisscholen en scholen voor speciaal onderwijs in de regio. “Iedere school wil de krant ontvangen. Het is een hele organisatie om bij te houden wie, van welke school en uit welke wijk ik al aan het woord heb gelaten. Maar dat is niet erg, want ik wil dat er genoeg afwisseling is.” Dan voegt ze nog lachend toe: “Even voor de duidelijkheid: alleen kinderen komen aan het woord.” Zelf doet ze bijna alle interviews en schrijft ze de artikelen. Hanneke combineert hierbij haar twee passies. “Ik twijfelde vroeger tussen pabo en journalistiek. Ik hou van schrijven, met kinderen bezig zijn en organiseren. Ik ben tekstschrijver, hoofdredacteur, bezorger, sales- en pr-mevrouw en fotograaf in één. En ook een beetje juf.” Ze heeft zo het beste van twee werelden.
Beter en met meer plezier lezen
De kinderkranten hebben duidelijke doelen. “Ik wil kinderen stimuleren om beter en met meer plezier te lezen. Op een leuke manier bijdragen aan hun taalontwikkeling, maar ook aan die van laaggeletterde ouders. Kinderen meer betrekken bij hun wijk en stad. En een bijdrage leveren aan hun meningsvorming. Als ik hoor dat een kind op een sport zit, omdat het las over Jeugdfonds Sport & Cultuur, dan word ik daar heel blij van.”
De gezichten zijn onbetaalbaar
Het leukste aan haar werk? “De interviews met kinderen. Ze zijn zo onbevangen en eerlijk. Die zeggen precies waar het op staat.” Maar ook de puzzel vindt ze een mooi item. “De leerlingen kunnen een prijs winnen en moeten daarvoor de hele krant lezen. Het moment dat ik de prijzen uitreik, is altijd bijzonder. Ik doe dat meestal in de klas, dat motiveert de anderen om de krant helemaal te lezen.” De gezichten van de kinderen die in de krant staan, vindt Hanneke onbetaalbaar. “Als ik over het schoolplein loop en het is pauze, komen ze al aangevlogen: ‘Mevrouw, sta ik er nu in?’ In de krant staan is écht wel specialer dan op social media voorbijkomen.”
“Het leven is niet altijd een feest, dus dit soort verhalen horen ook in de kinderkrant.”
Meer onderwerpen dan ruimte
Met 29 scholen in Roermond en Roerdalen en 21 in Echt-Susteren en Maasgouw is het een flinke klus. Acht keer per jaar worden 6.800 exemplaren gedrukt. “Ik breng de kranten zelf rond. Dat kost me twee dagen. Soms helpt mijn vader of zus mee. Misschien besteed ik het ooit uit, maar het voordeel is dat meesters en juffen me zien. En ik krijg meteen tips aangereikt.” Zelf bedenkt ze ook onderwerpen. “Carnaval komt eraan, dus ik probeer iets te doen met de jeugdprins van D’n Uul en de dansgarde van de Veldjmuus. Maar niet iedereen houdt van carnaval, dus ik schrijf ook over de Ramadan. Ik heb meer onderwerpen dan ruimte, dus ik mag niet klagen.”
Het leven is niet altijd een feest
Sommige verhalen blijven haar bij. “Een meisje had een crowdfunding opgezet voor een rolstoelbus voor haar ernstig zieke broertje. Dat hield me wel een paar dagen bezig. Het leven is niet altijd een feest, dus dit soort verhalen horen ook in de kinderkrant.” Ze schreef ook al over armoede, pleeggezinnen en de energiecrisis. Voor een artikel over de oorlog in Oekraïne stelden kinderen vragen aan hun Oekraïense leeftijdsgenootjes in een taalklas op basisschool De Zonnewijzer.